FAB-lid Josti Gadeyne’s opiniestuk voor De Standaard : “Stop met vragen en de mensen stoppen met geven”

Veel mensen denken nog altijd dat goede doelen voor hippies, idealisten en geitenwollensokkentypes zijn. Josti Gadeyne vindt het hoog tijd dat de Belg zijn beeld van fondsenwervers bijspijkert.

jostiIk ben fondsenwerver. En ja, ik ben ‘overhead’. Ik heb een bediendecontract met een salaris dat in lijn ligt met de sociaal-culturele sector in België, krijg geen bonussen en geen bedrijfswagen. Ik ga nauwelijks op restaurant en ga niet naar dure festivals. Geld is niet de belangrijkste reden waarom ik voor een goed doel werk. Ik geloof ook in dat doel en doe mijn job graag. Ik weet dat mijn job en organisatie impact hebben op duizenden levens in het Zuiden. Ik doe het voor hen, en ook voor de duizenden schenkers en hartverwarmende mensen waar ik dagelijks mee in contact kom. Ik ben trots op mijn job als fondsenwerver, op mijn goed doel en op iedere Belg die geld schenkt voor een betere wereld.

Volgens sommigen zou ik dat niet mogen zijn. Burgemeester Johan Vande Lanotte (SP.A) verjaagt straatwervers uit Oostende (DS 14 juli) en filosoof Maarten Boudry vraagt aan solidaire Belgen om van hun hart een steen te maken (DS 17 juli). Waarom heeft fondsenwerving toch zo’n negatief imago? Waarom zouden goede doelen alleen maar met ‘belangeloze vrijwilligers’ moeten werken, zoals Boudry hen noemt? Het is een koloniaal beeld van toen de pater in zijn dorp rondging met de hoed voor het werk van missionarissen in Congo. Goede doelen waren vroeger voor hippies, idealisten en geitenwollensokkentypes. Dat beeld is bij weinig mensen veranderd.

Olifantenhuid

Ook al zetten veel mensen zich vrijwillig in, goede doelen zijn sterk geprofessionaliseerd. En maar goed ook. Want zo kunnen we onze missie als goed doel realiseren. Die missie is niet meer winst maken voor het voortbestaan van de organisatie of ceo’s en aandeelhouders rijker maken, maar wel : meer mensen in nood helpen. Daarvoor is meer geld nodig, in de vorm van giften en subsidies. Ngo-medewerkers geloven in een betere en rechtvaardigere wereld, dat was vroeger zo en dat is vandaag nog zo. Maar we zijn zelf ook professioneler geworden. We kennen en respecteren de lokale context waarin we werken, werken samen met lokale partners en besteden zaken uit die beter en efficiënter kunnen gebeuren door andere partners of bedrijven. Want het laatste wat wij willen, is geld verspillen.

Alle professionele organisaties worden trouwens jaarlijks gecontroleerd door externe auditeurs, hun jaarrekeningen worden gepubliceerd in het Staatsblad en ze tonen hun gegevens op websites zoals ngo-openboek.be, donorinfo.be en goededoelen.be.

Fondsenwerving is een specifiek vak dat je moet liggen. Je moet vlot kunnen praten, schrijven, met databases werken, analyses maken en zelfs enveloppen plakken. En een olifantenhuid hebben, zowel buiten als binnen je organisatie. Belgische fondsenwervers hebben een ethische code en wisselen best practices uit. We testen en meten constant. Want we willen zo veel mogelijk impact hebben tegen zo laag mogelijke kosten, zonder hierbij ethiek uit het oog te verliezen.

Geen geld voor billboards

Het is tijd dat de Belg zijn beeld over goede doelen en fondsenwerving bijspijkert. In de VS voert de Charity Defense Council er zelfs een bewustmakingscampagne rond die I’m overhead heet. De Amerikaanse fondsenwerver Dan Pallotta legt in zijn TED-talk ‘Hoe wij denken over liefdadigheid slaat nergens op’ goed uit waar het schoentje precies knelt. Iedereen heeft het recht om niet in te gaan op een vraag om geld te geven. Daar heb ik als fondsenwerver respect voor. Ik weet dat veel mensen wél willen geven. Dat blijkt ook uit de barometer filantropie van de Koning Boudewijnstichting. De Belg was nog nooit zo vrijgevig: acht op de tien Belgen vinden dat een gift bijdraagt tot een betere wereld, voor 54 procent is filantropie zelfs een morele plicht en zes op de tien zetten in 2016 woord om in daad.

Voor deze vrijgevige Belgen doe ik mijn job graag. Ik bied hen een goed doel aan, zodat zij als schenker hun solidariteit kunnen uitdrukken. Want dat is ook oneindig getest en gemeten: stop met vragen en de mensen stoppen met geven. Niet omdat ze niet willen, maar omdat ze het vergeten.

Dat is niet anders dan in de commerciële sector. Weinig goede doelen hebben geld voor billboards in de straten of paginagrote advertenties, omdat er efficiëntere manieren bestaan om geld te werven. Maar ze hebben wel impact. Heb je al eens een product gekocht omdat je het had gezien op tv, in de krant of op een affiche in de straat? Uiteindelijk vragen wij jou ook om een ‘product’ te kopen: solidariteit.

 

JOSTI GADEYNE

Werkt al zeven jaar als fondsenwerver voor een Belgische ngo. Schrijft in eigen naam.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s